Historie

NOB bestaat sinds 1980, Nederlands onderwijs in het buitenland bestaat echter al vele decennia langer.

  • De Hollandse School Singapore werd opgericht in 1920.
  • In 1930 opende de Negropontschool (sinds 1937 Schroederschool) op Curaçao.    
  • De Wereldschool start haar afstandsonderwijs in 1948 in Nederlands-Indië.
  • In Duitsland waren begin jaren ‘50 al zogenaamde Nederlandse Defensiescholen.
  • SHAPE Village School / NATO International School met Nederlandse afdeling in Frankrijk (sinds 1966 het Lycée International de Saint-Germain-en-Laye) startte in het begin van de jaren ’50.
  • In 1953 werd de eerste Europese School geopend in Luxemburg.
  • De Nederlandse School in Jakarta bestaat al sinds de jaren ’60.

Oprichting Stichting Nederlands Onderwijs in het Buitenland
De toename van het aantal onderwijsinitiatieven in het buitenland leidde tot de wens om de ondersteuning van dit onderwijs centraal, vanuit Nederland, te regelen en ondersteunen. Na gezamenlijke initiatieven van onder andere het Ministerie van Onderwijs, het Ministerie van Buitenlandse Zaken, het bedrijfsleven (onder andere Shell en Philips) en organisaties als de Verenigde Bijzondere Scholen (VBS) en het Instituut voor Individuele Ontwikkeling (IVIO) werd op 18 december 1980 de Stichting Nederlands Onderwijs in het Buitenland (NOB) opgericht. In 1982 werd onder de toenmalige Minister van Onderwijs (de heer van Kemenade) besloten om het Nederlands onderwijs in het buitenland ook financieel te ondersteunen. Vanaf 1983 (voor VO vanaf 1997) ontvingen Nederlandse scholen in het buitenland aangesloten bij NOB een kleine subsidie per leerling. Met ingang van 2017 is deze subsidie komen te vervallen.

In december 1994 besloot Minister Ritzen (Minister van Onderwijs van 1994 tot 1998) om een tweede deel van de taken en verantwoordelijkheden met betrekking tot een aantal Nederlandse onderwijsvoorzieningen in het buitenland, onder te brengen bij NOB. Dit pakket wordt het “Overdrachtspakket” genoemd. Tot op heden verzorgt NOB namens de  Minister van Onderwijs het werkgeverschap van de Nederlandse leerkrachten aan de Europese scholen die formeel in dienst zijn bij het Ministerie, het groot onderhoud van de Europese school in Bergen, het werkgeverschap en bestuur van de Nederlandstalige afdeling van het Lycée International in St. Germain-en-Laye (Frankrijk) en het beheer van de subsidiemiddelen voor de onderwijsvoorziening van het Nederlands Astmacentrum in Davos. Sinds 2005 vertegenwoordigt NOB als plaatsvervangend voorzitter Nederland (de Minister van Onderwijs) in de Raad van Bestuur van de Europese Scholen.

Dankzij de Nederlandse scholen in het buitenland, de Europese scholen en de organisaties voor afstandsonderwijs is Nederlands onderwijs wereldwijd mogelijk.
De Inspectie van het Onderwijs beoordeelt de kwaliteit van het onderwijs op zowel de bij NOB aangesloten Nederlandse scholen, de organisaties voor afstandsonderwijs als de Nederlandse afdelingen van Europese Scholen.

De bij NOB aangesloten Nederlandse scholen zijn geografische verspreid over de wereld, zijn veelal kleinschalig en er is veelvuldig roulatie van besturen, schoolleiders en leerkrachten. NOB is voor deze scholen vanaf haar oprichting de vaste basis en schakel met Nederland. De infrastructuur die wordt gevormd door NOB en de Inspectie van het Onderwijs, gecombineerd met de tomeloze inzet van de scholen in het buitenland zorgen er samen voor dat Nederlandse kinderen en jongeren al jaren wereldwijd gebruik kunnen maken van kwalitatief goed Nederlands taal- en cultuuronderwijs.

Delen via: