Veel gestelde vragen

  • Wat is meertaligheid?

    Simpel gezegd gaat het bij meertaligheid om iemand die taalvaardigheid in meerdere talen heeft ontwikkeld. Dat kan het alleen begrijpen (passieve taalbeheersing) van een taal zijn of het ook gebruiken (actieve taalbeheersing), het kan naast mondeling ook over schriftelijk taalgebruik gaan. Meertalig is iemand altijd in een bepaalde mate. In principe is iedereen die naast de standaardtaal een dialect spreekt, of iemand die een beetje ‘toeristen-Engels’ spreekt al meertalig. Een meertalig persoon gebruikt zijn talen meestal wel in verschillende situaties op verschillende manieren.

    Voor het beheersen van een taal gelden vier vaardigheden: kunnen luisteren, spreken, lezen en schrijven. Het gaat er dus om in hoeverre iemand de taal kan volgen en actief kan inzetten. Het komt zelden voor dat iemand in meerdere talen alle vaardigheden vloeiend beheerst.

    Nederlandse kinderen die naar het buitenland verhuizen ontwikkelen zich vaak in eerste instantie tot tweetalige kinderen. Bij kinderen is de eerste taal, de zogenaamde moedertaal, de taal van de basisomgeving van een kind. Als een kind met twee moedertalen opgroeit, spreken we van gelijktijdige tweetaligheid. Dit gebeurt bijvoorbeeld als de twee ouders een verschillende moedertaal hebben. Een kind kan een tweede of derde taal ook op latere leeftijd leren. Dit is bijvoorbeeld het geval als het verhuist naar een sociale omgeving met een andere taal dan de gezinstaal. Dan spreekt men van successieve tweetaligheid.

     

  • Hoe voed ik mijn kind meertalig op?

    Het is niet zo dat in een meertalige situatie slechts één manier van opvoeden de beste is. Wel doet u er goed aan om een keuze te maken en deze consequent vol te houden. Onduidelijkheid kan nadelig zijn voor de taalontwikkeling van het kind.

    Belangrijk om te weten is dat een kind in de periode tot negen à tien jaar de basis van zijn taalontwikkeling (goed leren spreken, luisteren, schrijven en lezen) doorloopt. Hiervoor is in ieder geval een goed ontwikkelde moedertaal nodig. Twee- of meertalige kinderen doorlopen deze universele ontwikkeling in meerdere talen. Daarna bouwen we enkel nog verder aan ons taalgebruik en de woordenschat.

    De bekendste manier van meertalig opvoeden is de één-persoon-één-taal-strategie. Hierbij spreekt dezelfde persoon consequent dezelfde taal met het kind. Omdat de taal die het kind te horen krijgt van goede kwaliteit moet zijn, is het aan te raden dat elke ouder zijn of haar moedertaal spreekt. Is de één-persoon-één-taal-strategie niet mogelijk, dan kan de één-situatie-één-taal-strategie een oplossing bieden. In dat geval kiest u ervoor om consequent in een bepaalde situatie een bepaalde taal met uw kind te spreken. Bijvoorbeeld altijd aan tafel Nederlands spreken, of altijd bij het naar bed brengen.

    Bij een tweetalige opvoeding is het van belang dat u uw kind in beide talen ongeveer evenveel aanspreekt. Ook activiteiten als voorlezen kunnen dan beter in beide talen gebeuren. Kinderen zijn namelijk geneigd om de taal te gaan spreken die ze het beste onder de knie hebben.

    Als kinderen plezier hebben, zullen ze het spreken van een andere taal niet als een last ervaren. Zing liedjes, speel spelletjes of kijk samen films in beide talen. Wat ook goed kan werken, is hetzelfde boek in twee talen voor te lezen. Zo ziet een kind duidelijk het verschil tussen de twee talen.

     

  • Welke factoren spelen een rol bij meertaligheid?

    Een aantal factoren is van invloed op het leren van een taal, zoals de leeftijd, aanleg en motivatie van uw kind, en van u als ouder. Ook de directe leefomgeving speelt een belangrijke rol in de taalontwikkeling. Deze kan uw kind motiveren of juist ontmoedigen om de taal te leren.

    Als u voor een meertalige opvoeding kiest, doet u er goed aan om daar zo vroeg mogelijk mee te beginnen. Dit maakt de kans groter dat uw kind de betrokken talen op alle gebieden (spreken, lezen, schrijven en luisteren) op een hoog niveau zal beheersen. Ook doet u er goed aan deze talen zo vaak en zo veel mogelijk aan te bieden, bijvoorbeeld door praten en voorlezen. Hoe meer en hoe vaker uw kind met een taal in aanraking komt, hoe gemakkelijker het deze leert. Men schat dat het taalaanbod van kinderen minimaal 30% moet zijn, als percentage van het totale taalaanbod, om de taal goed te verwerven.

    Ook de aanleg van een kind speelt een rol. Het ene kind pikt een taal nu eenmaal sneller op dan het andere. Toch is de motivatie van het kind een nog belangrijker factor in het aanleren van een taal. Als het kind zich in een bepaalde cultuur niet prettig voelt, zal het de taal minder snel leren. Ook de motivatie van u, als ouder, is van belang. Kinderen die van huis uit worden gemotiveerd, leren een taal beter en sneller.

     

  • Is meertaligheid gunstig of ongunstig voor mijn kind?

    In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, hoeft meertaligheid geen negatieve gevolgen te hebben voor de taalontwikkeling van uw kind. Het tegenovergestelde is het geval. Uit onderzoek blijkt dat het denkvermogen van het kind zich er doorgaans juist beter door ontwikkelt.

    De positieve invloed op het denkvermogen ontstaat doordat het kind voortdurend leert schakelen tussen het ene en andere systeem van symbolen. Deze invloed is overigens alleen positief bij als beide talen op een hoog niveau ontwikkeld zijn.

    Meertalige kinderen kunnen de verschillende talen meestal goed uit elkaar houden. Soms maken ze fouten doordat de talen worden gemengd. Om te beginnen is dat normaal en ten tweede is de vraag hoe erg dat is. Maar net zo goed vergemakkelijkt het hebben van kennis van de ene taal het aanleren van een andere taal.

     

  • Waar is meer informatie over meertaligheid te vinden?