NOB in de praktijk: De Taaltuin bedacht een compleet nieuwe lesaanpak

door Sabine Spijker - Schoolleider De Taaltuin (Yogyakarta)

Lesgeven op een NTC-school is uniek, dus hoe zorg je ervoor dat je lesaanpak hierbij aansluit?

Lesgeven: iedere leraar doet het op zijn of haar eigen manier. De een werkt veel met boeken en schriften, de ander gaat vooral digitaal te werk. Verder geeft de ene leraar misschien veel instructies, terwijl de ander de kinderen juist veel zelfstandig laat werken. Er is geen blauwdruk voor lesgeven, en al helemaal niet als het om de unieke situatie van de NTC-leerling gaat...

Het kan zomaar zijn dat je continu op zoek bent naar een lesaanpak die het beste aansluit op jouw schoolsituatie. Ook Sabine Spijker, schoolleider en leerkracht van Stichting De Taaltuin in Yogyakarta, Indonesië, merkte dat het lesgeven efficiënter kon. Ze zag kans om de lessen met combinatiegroepen beter aan te sluiten op de leerlingen. Sabine neemt, samen met een andere leerkracht, het heft in eigen handen en bedenkt een compleet nieuwe lesaanpak. De leerlingen gaan voortaan zelfstandiger te werk en delen zelf hun tijd en instructiemomenten in. Maar hoe gaat dat in zijn werk, een nieuwe lesaanpak creëren? Sabine vertelt hoe zij te werk ging en geeft gouden tips.

Wat was de aanleiding voor de nieuwe lesaanpak?

"Op onze school werken we met combinatiegroepen, waardoor er niveauverschillen in de klas zijn. Zo kan een leerling op taalgebied in groep 6 zitten en op vlak van spelling in groep 7. Dit maakt het een extra uitdaging om de les passend te maken voor iedere leerling. We werkten net als vele andere scholen met vaste instructiemomenten, waarna leerlingen zelfstandig aan een opdracht werkten. Hierbij liepen we echter tegen een aantal dingen aan. Het is bijvoorbeeld zonde als de leerlingen die sterker zijn, zitten te wachten op de rest. Een NTC-school is zó anders dan een dagschool, juist door de verschillende niveaus en verschillen in beheersing van bepaalde onderwerpen. We wilden de kinderen zo veel mogelijk op hun niveau aanspreken en dachten ‘hoe kunnen we dat zo efficiënt mogelijk aanpakken?’. Zo is dit geboren."

Wat houdt de nieuwe manier van lesgeven in?

"De nieuwe aanpak is gesplitst in vier vakgebieden: Taal, Spelling, Werkwoordspelling en Begrijpend Lezen. Op die vier vakgebieden hebben we de leerlingen ingedeeld. Op basis hiervan maken we een schema waarin alle leerlingen en vakgebieden zijn ingepland. We werken met vaste weektaken, welke gebaseerd zijn op bestaande opdrachten uit Taal Actief 3. Elke week delen wij zes taallessen en twee spellinglessen in, gebaseerd op het niveau van iedere individuele leerling. Voor een les bedenken de leerlingen wat ze gaan doen die week. Ze zien alle taken staan en vinken af welke opdracht ze op welke dag willen doen. Hierbij kunnen ze zelf aangeven of ze wel of niet de bijbehorende instructie willen volgen. Uiteraard bieden we ook een aantal verplichte instructies aan, zodat de leerlingen niet nieuwe stof missen.

Met woordenschat werken wij met thema’s die we uit onze eigen woordenschatmethode halen. Zo behandelden wij in oktober het thema vriendschap omdat het de Kinderboekenweek was. Met deze methode werken wij met woordenschatclusters, waarbij de leerlingen een cluster woorden herhalen zodat ze deze goed leren beheersen. Aan het eind van iedere woordenschat-les doen we een spel, en iedere vier weken een toets. Dit kost wel veel tijd maar we merken dat het beter werkt dan het aanbieden van heel veel woorden die niet blijven hangen. 

Naast de weektaken, stellen wij elke maand een pakket van Muiswerk samen per groep. Muiswerk biedt online taal- en rekenprogramma’s aan, die docenten helpen om leerlingen op hun eigen niveau te laten werken en de vorderingen bij te houden. Hebben de leerlingen alle opdrachten van die dag af en tijd over? Dan pakken ze een tablet erbij en kunnen ze een opdracht van Muiswerk maken. Hiermee geven we leerlingen autonomie en ze gaan zelfbewuster om met hun tijd."

Hoe ziet dit er in de praktijk uit?

"Onze les begint met een kringgesprek, waarna de leerlingen zelfstandig aan het werk gaan of kunnen kiezen voor een optionele instructie. Op het eind van de les kunnen de leerlingen een woordenschatspel spelen. Het zelfstandig werken aan een weektaak werkt in de praktijk heel goed. Onze leerlingen volgen lessen op wel tien verschillende dagscholen, dus ze komen per groep op een ander tijdstip binnen. Het is als docent niet rendabel om les te geven aan bijvoorbeeld twee leerlingen. Daarom hebben we de instructiemomenten zo ingedeeld dat iedereen deze kan volgen en de leerlingen verder zelfstandig aan de slag kunnen."

Wat levert deze nieuwe lesaanpak op?

"Je geeft de leerlingen meer verantwoordelijkheid door ze een bepaald aantal opdrachten te geven die ze binnen een vast tijdsbestek af moeten hebben. Verder bepalen ze zelf of ze wel of niet een instructie willen volgen. We merken hierdoor dat we veel minder instructiemomenten, naast de verplichte instructies, geven dan vorig jaar. De leerlingen beheersen de stof simpelweg goed genoeg om er zelf mee aan de slag te gaan. Daarnaast vinden ze het een prettige manier van werken en krijgen ze elke week huiswerk mee. Als de leerlingen hun weektaak af hebben, kunnen ze alvast met huiswerk aan de slag. Dit is natuurlijk fantastisch voor ze omdat ze dan misschien niets hoeven te doen thuis. Als de weektaak niet af is geven we dit echter wel mee als huiswerk, anders is het te vrijblijvend. Door de nieuwe aanpak hebben de leerlingen uiteraard ook een weekoverzicht, dus kunnen ze zelf inzien wat ze niet af hebben en dus thuis moeten doen."

Welke lessen wil je aan andere NTC-scholen meegeven?

  1. "Ten eerste is het belangrijk om de leerlingen op de vakgebieden die jij kiest in te delen. Wij hebben niet gekeken naar de Cito-resultaten, maar naar de methode gebonden toetsen. Kijk eerst per kind op welk niveau hij of zij zit en probeer hier groepen leerlingen van te maken.
  2. De volgende stap: is het haalbaar? En heb je de leerkrachtenbezetting om de kinderen dit allemaal uit te kunnen leggen? Je kunt alle kinderen wel op een eigen niveau les gaan geven, maar als een kind verhuist, blijf je met een kind minder over en verdwijnt hiermee misschien wel een groep.
  3. Werk met twee, maximaal drie niveaus als je als enige leerkracht voor de groepen staat. Drie niveaus kunnen al pittig zijn.

Onthoud verder nog één ding: onze lesaanpak is echt niet het ei van Columbus. Het werkt voor ons maar misschien voor een andere school niet. Andere scholen kunnen hier uiteraard met een paar aanpassingen wel gebruik van maken, mocht het voor hen een oplossing bieden. Het ligt heel erg aan de populatie, de leerkrachten en de bezetting van je school. Ik zie de aanpak bijvoorbeeld juist goed werken voor scholen die twee tot drie uur NTC-onderwijs aanbieden. Door minder instructiemomenten hebben zij extra tijd om zich op andere onderwerpen te richten.

Iedere school bevindt zich in een unieke situatie met eigen, unieke leerlingen. Onze aanpak is wellicht niet dé NTC-oplossing maar het zet wel tot nadenken. Heb jij weleens jezelf de vraag gesteld of je manier van lesgeven nog werkt voor jouw lessen? Wellicht is het tijd om de aanpak om te gooien."

Ben jij benieuwd naar de nieuwe aanpak van De Taaltuin? Bekijk hier een voorbeeldformat van de weektaken en indeling van de niveaugroepen, of neem contact op met Sabine Spijker voor meer informatie.

B